Bekijk desktop versie

 4856

Wie zijn wij?

Wie zijn wij?De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) is dé toonaangevende brancheorganisatie die middels belangenbehartiging, kennisoverdracht en netwerken ondersteuning biedt aan bedrijven en personen die bij de besluitvorming op het gebied van Beheer en Onderhoud/Asset Management betrokken zijn en daarmee de Nederlandse...

Lees verder

Onderzoek: baanvak Leiden-Utrecht in slechte constructieve staat

Donderdag, 05 december 2019 08:16
Onderzoek: baanvak Leiden-Utrecht in slechte constructieve staat
Het baanvak tussen Leiden en Utrecht verkeert in slechte constructieve staat en voldoet niet aan het verbouw- en afkeurniveau. Om de baan wel aan deze normen te laten voldoen, is een fors pakket aan maatregelen nodig. Dat blijkt uit een onderzoek uitgevoerd door Arcadis en gevalideerd door APPM. Volgens ProRail is het spoor op dit moment wel veilig berijdbaar, omdat de treinen in de huidige dienstregeling niet op volledige baanvaksnelheid rijden.




Het onderzoek is uitgevoerd vanwege de plannen om de spoorverbinding tussen Leiden-Utrecht te verbeteren met de ‘Versnelde Intercity’-variant. Onderdeel hiervan is het verhogen van de frequentie tussen Leiden en Utrecht van twee intercity’s per uur naar twee intercity’s en twee sprinters per uur. Daarnaast moet er een nieuw station komen in Hazerswoude-Rijndijk.

De verwachting is dat ‘Versnelde Intercity’ tot een aanzienlijke reistijdverbetering tussen Leiden en Utrecht leidt. De reistijd van de huidige twee intercity’s per uur tussen Leiden Centraal en Utrecht Centraal wordt verkort door alleen te stoppen op de stations Leiden Centraal, Alphen aan den Rijn en Utrecht Centraal. Daarnaast komen er twee extra sprinters per uur, die stoppen op de stations Leiden Centraal, Leiden Lammenschans, het nieuwe station Hazerswoude-Koudekerk, Alphen aan den Rijn, Bodegraven, Woerden en Utrecht Centraal. Optioneel zou ook station Leidse Rijn kunnen worden toegevoegd.

Veiligheid baanvak
ProRail acht de baan op dit moment wel “veilig berijdbaar conform de huidige dienstregeling” wat is vastgelegd in een risicoredenering. Daaruit blijkt volgens de spoorbeheerder dat het gebruik van de baan de afgelopen jaren constant is geweest en zich er de afgelopen decennia geen incidenten hebben voorgedaan waarbij het baanlichaam onstabiel is geworden.

ProRail wijst erop dat er op dit moment ruimte in de dienstregeling zit, waardoor treinen over het algemeen niet op baanvaksnelheid hoeven te rijden. De belasting op het baanlichaam is daardoor lager dan strikt genomen (op basis van de Netverklaring) zou mogen, is de redenering.

Onderzoek
De toekomstplannen voor het verbetering van de treindienst tussen Leiden en Utrecht waren reden om een uitvoerig onderzoek te doen naar de baanstabiliteit. In richtlijn RLN00414-1 wordt aangeven dat bij het niet voldoen aan het afkeurniveau ‘niet direct het treinverkeer stilgelegd hoeft te worden’. Wel is het noodzakelijk om aanvullende actie te ondernemen om aan te tonen dat de veiligheid voldoet. Bij verbouwniveau dient theoretisch de veiligheid aangetoond te worden om te bepalen of eerst een verbetering van het baanlichaam moet plaatsvinden voor start van de beoogde verbouw of wijziging. Arcadis heeft voor het onderzoek verschillende interviews gedaan met experts van ProRail, Arcadis, Deltares en de provincie Zuid- Holland. Tijdens interviews met deskundigen van ProRail zijn vijf trajecten benoemd waar (mogelijk) problemen zijn met de baanstabiliteit. Als trajecten zijn naast Utrecht – Leiden ook Utrecht – Schiphol, Schiphol – Den Haag – Rotterdam, Zwolle – Kampen en Sneek – Mantgum genoemd.

Aanbevelingen
Een van de aanbevelingen van APPM in het onderzoek is dat ervoor moet worden gezorgd dat het baanvak Leiden-Utrecht toekomstbestendig moet zijn, los van de plannen voor de ‘Versnelde Intercity’-variant of andere toekomstige ontwikkelingen. Een ander advies richt zich op het expliciet maken van wat de ‘Versnelde Intercity’-variant betekent voor dienstregeling en (baanvak)snelheden. Een derde aanbeveling is vervolgens om in de praktijk te toetsen wat de impact is van de ‘Versnelde Intercity’-variant op de spoorbaan.

ProRail verwijst in een reactie op het onderzoek naar dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat  “veranderingen in de treindienst, in frequentie of snelheid als een beleidswijziging” die “dient te worden bekostigd vanuit een project”. De beoordeling dat het huidig gebruik van het baanvak veilig is, maakt hier volgens ProRail ook onderdeel van uit. “Wij hebben op basis van het huidige gebruik daarom nog geen grootscheepse vernieuwing van de ondergrond voorzien, maar passen wel een actieve monitoring toe om de veiligheid en berijdbaarheid te blijven waarborgen.”

Met dank aan SpoorPro

Belangrijke wijziging voor toestemming voor cookies voor Advertenties en Social Media. Bekijk wat wij gebruiken als we de cookie plaatsen op onze cookie statement pagina.

Als je niet wil dat jouw internetgedrag voor deze doeleinden gebruikt wordt, wijzig dan de Cookie-instellingen.

Instellingen aanpassen