Bekijk desktop versie

 4856

Wie zijn wij?

Wie zijn wij?De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) is dé toonaangevende brancheorganisatie die middels belangenbehartiging, kennisoverdracht en netwerken ondersteuning biedt aan bedrijven en personen die bij de besluitvorming op het gebied van Beheer en Onderhoud/Asset Management betrokken zijn en daarmee de Nederlandse...

Lees verder

Alles-in-een-inspectie RVB BOEI gaat nationaal

Woensdag, 08 juli 2020 12:19
Alles-in-een-inspectie RVB BOEI gaat nationaal
Zo’n 10 jaar geleden introduceerde het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) een nieuwe manier van inspecteren, nu beter bekend als de alles-in-een RVB BOEI-methodiek. Aanleiding was een klacht van een klant: ‘De vloerbedekking slijt hier sneller van de kijkers dan van de doeners.’ Lees hoe de BOEI-inspectiemethode begon en hoe de methode intussen uitgroeit tot een nationale aanpak.





‘In een monument kwamen vroeger behalve een monumenteninspecteur ook verschillende andere inspecteurs langs: voor brandveiligheid, onderhoud, energie enzovoorts. Een monumenteninspecteur die BOEI-gecertificeerd is, kan ál deze inspecties zelf én gecombineerd uitvoeren. De efficiënte integrale inspectievisie vormt nog steeds de basis van de BOEI-methodiek. Vincent Faesen en Natasha Hanoeman beheren het handboek RVBBOEI bij het Rijksvastgoedbedrijf. Faesen bewaakt de technische kant, Hanoeman de communicatie.

Erkende opleiding
BOEI staat voor: brandveiligheid, onderhoud, energie & duurzaamheid en inzicht in wet- en regelgeving. De belangrijkste stap bij de introductie van de BOEI-methodiek was de opleiding van inspecteurs en adviseurs in deze integrale methodiek. Faesen: ‘Als eerste hebben we ons handboek gepresenteerd over de integrale inspectie voor de vakgebieden bouwkunde, werktuigbouwkunde, elektrotechniek en transport. Later is hier beeldende kunst aan toegevoegd. Daarna hebben de hogescholen van Utrecht, Arnhem/Nijmegen en Den Haag een post-HBO-opleiding opgezet waarmee inspecteurs en adviseurs hun BOEI-certificaat kunnen halen. Na het inrichten van de opleidingen heeft het RVB een geaccrediteerd register laten aanleggen voor gecertificeerde inspecteurs BOEI. Als je iemand inhuurt met zo’n (Hobéon-)certificaat weet je dus precies welke kwaliteitsinspecties hij of zij kan uitvoeren.’

Permanente educatie
We zorgen ook voor permanente educatie, zegt Faesen. ’Als je 10 jaar geleden bent opgeleid tot BOEI-inspecteur is het belangrijk dat je je kunt laten bijscholen. Bijvoorbeeld omdat wet- en regelgeving is veranderd, er nieuwe technieken zijn, maar ook omdat duurzaamheid, hergebruik van materialen en CO2-reductie nu een belangrijke rol spelen. Dus moet je als inspecteur met een andere bril kijken dan toen. Daarom zijn we in gesprek met scholen om de BOEI-methodiek onderdeel te maken van reguliere mbo- en hbo-opleidingen, bijvoorbeeld als apart vak binnen de opleiding Bouwkunde. Ook is het idee om bijvoorbeeld om de 5 jaar opnieuw te certificeren. ‘Daarmee wordt het RVB-product echt een nationaal product.’

Positie in BV Nederland
Het RVB BOEI handboek vormt de basis van de opleiding en worden steeds geactualiseerd, verduidelijkt en uitgebreid. Faesen: ‘Zo vroegen we laatst aan een bedrijf die gespecialiseerd is in valbeveiliging of we hun checklists mogen opnemen in ons handboek. In eerste instantie was het bedrijf terughoudend en wilde weten wat het ervoor terugkreeg. Ik heb toen uitgelegd dat inspecteurs die een BOEI-certificaat willen halen, dan voortaan ook getoetst worden op deze checklists en dat was precies wat het bedrijf wilde. Mensen realiseren zich vaak niet welke positie de BOEI-methodiek heeft in de BV Nederland.’ Steeds meer inspectiebedrijven bieden de mogelijkheid aan om een BOEI-inspectie uit te voeren en er komt steeds meer vraag naar, bijvoorbeeld vanuit gemeenten, zorginstellingen, onderwijsinstellingen en woningbouwcorporaties.

Groenbeheer
Het Rijksvastgoedbedrijf wil de integrale inspectie verbreden tot groenbeheer. Faesen legt uit: ‘Je kunt een gebouw niet los zien van het gebied waarin het staat, het is onlosmakelijk verbonden met zijn omgeving. Zeker bij onderhoud moet je hier rekening mee houden. Daarom willen we groenbeheer toevoegen aan de inspectiemethode. Ook leeft het idee om ondergrondse en bovengrondse infrastructuur toe te voegen, maar dat is nog heel pril. We zijn al bezig om een handboek voor groenbeheer op te stellen, waarvoor we nauw samenwerken met het Expertise Centrum Techniek (ECT), want daar zit de inhoudelijke vakkennis. De technische voorschriften vertaal ik samen met mijn collega Natasha Hanoeman naar begrijpelijke handboeken die breed toegankelijk zijn voor verschillende doelgroepen van mbo tot en met universitair niveau.’

Eigen taal
Vroeger maakten de inspecteurs een breed scala aan inspectierapporten, allemaal op hun eigen manier. Voor de lezer was het veel lastiger om de problematiek te doorgronden en op basis hiervan een onderhoudsplan voor het gebouw op te stellen. Faesen: ‘Je had 10 rapporten en alle 10 schreeuwden ze dat ze belangrijk waren, bovendien waren ze geschreven in hun “eigen taal”. Met de BOEI-methode schrijft de inspecteur alles in “BOEI-taal” met eenduidige terminologie. De inspecteur levert dit rapport met geconstateerde gebreken op aan onze adviseur instandhouding en die maakt toekomstplannen voor het pand; wat moet nu, wat moet een plek krijgen in het meerjarenplan? Deze adviseurs hebben we dan ook zelf in dienst. Zij hebben een toekomstvisie op het gebouw en die kennis wil je in eigen huis hebben. Zij werken nauw samen met de objectmanagers en assetmanagers van het RVB en komen zo tot een goede “film” van wat er de komende jaren met het pand moeten gebeuren, blijven exploiteren, verduurzamen, renoveren of misschien wel afstoten. Langs onze eigen inspecteurs huren we ook inspecteurs in; zij maken een momentopname.’



Faesen vervolgt: ‘Hele specifieke problemen komen bij onze specialisten terecht, we hebben bijvoorbeeld specialisten op allerlei gebieden, bijvoorbeeld van energetica (BENG of bijna energieneutrale gebouwen) en juridische specialisten. Maar zij worden pas ingeschakeld nadat de inspecteurs en adviseurs zich over het probleem hebben gebogen. Als je zelf iets mankeert, kun je ook niet gelijk naar een specialist in het ziekenhuis. Je gaat eerst langs de huisarts die je na onderzoek eventueel doorstuurt naar de specialist, en ook precies weet welke. Zo zorg je ervoor dat de expert echt alleen het specialistische werk doet waarvoor hij is. Zo’n zelfde poortwachtersfunctie hebben de inspecteurs en adviseurs. De BOEI-methode helpt om dit op een uniforme en efficiënte manier te doen.’  

Toetsing in de praktijk
Het handboek RVB BOEI wordt geregeld getoetst aan de communicatierichtlijnen en de praktijk. Natasha Hanoeman: ‘Toen de BOEI-methode werd opgezet, was er hoofdzakelijk aandacht voor de technische kant; minder voor de presentatie. Terwijl er op het gebied van taalgebruik, de juiste toonzetting en het gebruik van visuele elementen veel winst te behalen is. Dit jaar verschijnt het aangepaste deel over bouwkunde. Hanoeman: ‘Feedback op zo’n nieuwe versie krijgen we van de RVB-specialisten en we roepen via de LinkedIn-groep van BOEI ook de markt op om te reageren op zo’n concept-handboek.’ Vincent Faesen krijgt continu feedback van de post hbo-studenten, omdat hij er zelf lesgeeft. Faesen: ‘Dat is win-win; ik kan kennis overbrengen en tegelijkertijd hoor ik waar mijn studenten tegen aanlopen en dus waar we de handboeken verder kunnen verbeteren.’
What do you want to do ?
New mail

Belangrijke wijziging voor toestemming voor cookies voor Advertenties en Social Media. Bekijk wat wij gebruiken als we de cookie plaatsen op onze cookie statement pagina.

Als je niet wil dat jouw internetgedrag voor deze doeleinden gebruikt wordt, wijzig dan de Cookie-instellingen.

Instellingen aanpassen