In de reactorkern vindt kernsplijting plaats. Daarbij wordt een uraniumatoom geraakt door een neutron, waardoor de atoomkern splitst in twee kleinere kernen. Hierbij komt veel warmte vrij, samen met nieuwe neutronen die weer andere atomen kunnen splijten. Zo ontstaat een gecontroleerde kettingreactie die continu energie produceert. De uraniumbrandstof bevindt zich in splijtstofstaven in het reactorvat. Regelstaven absorberen neutronen en maken het mogelijk om de reactie nauwkeurig te regelen of direct stil te leggen.
Van warmte naar elektriciteit
De warmte uit de reactor verwarmt water in een gesloten systeem. Hiermee wordt stoom geproduceerd die een turbine aandrijft. De turbine is gekoppeld aan een generator die elektriciteit opwekt voor het elektriciteitsnet. Na gebruik wordt de stoom weer afgekoeld tot water, waarna de cyclus opnieuw begint.
Koeling en veiligheid
Niet alle warmte kan worden omgezet in elektriciteit. Daarom wordt restwarmte afgevoerd via koelwater of koeltorens. Deze warmte kan ook worden gebruikt voor stadsverwarming of industriële toepassingen. Omdat kernsplijting gepaard gaat met straling, zijn kerncentrales uitgerust met uitgebreide veiligheidssystemen en meerdere beschermingslagen. Moderne reactoren voldoen aan strenge internationale veiligheidsnormen.
Een stabiele energiebron
Kernenergie levert dag en nacht energie in de vorm van elektriciteit én warmte, onafhankelijk van het weer. Tijdens de productie van elektriciteit komt geen CO₂ vrij. Daardoor wordt kernenergie gezien als een stabiele aanvulling op duurzame energiebronnen zoals zon en wind.